| |
Kunnen we er zeker van zijn dat Jezus aan het kruis gestorven is?
Een onderzoek naar het oude gebruik van kruisiging.
Door Mike Licona
Alle vier de Nieuwtestamentische evangeliën vermelden dat Jezus gekruisigd is met de dood tot gevolg. Is er voldoende bewijsmateriaal om de conclusie te waarborgen dat deze rapporten nauwkeurig zijn? Alvorens op zoek te gaan naar een antwoord wil ik het belang van deze vraag benadrukken. De verzoenende dood en opstanding van Jezus zijn de hoekstenen van de doctrines van het christendom. Als één van beiden niet heeft plaatsgevonden dan is het christendom zoals gepreekt door de apostelen vals. Want als Jezus niet aan het kruis gestorven is, is er geen offerdood voor onze zonden zoals het Nieuwe Testament leert. Bovendien, gezien het feit de term “opstanding” verwijst naar de transformatie van een lichaam naar een onsterfelijk lichaam, was er als Jezus niet stierf geen lichaam om te transformeren d.m.v. opstanding.
Zonder opstanding is het christendom vals. De apostel Paulus leerde: “Maar als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos” (1 Korintiërs 15:17). De evangeliën vermelden overeenkomstig dat Jezus vermelde dat Zijn opstanding als bewijs zou dienen voor Zijn claims over Zichzelf (zie Matteüs 12:39-40; Johannes 2:18-22). Dus volgens Jezus en Paulus is het tijd voor een andere wereldvisie als de Opstanding van Jezus niet zou hebben plaatsgevonden. Gezien het feit dat een opstanding de dood nodig heeft, evenzo is dood van Jezus door kruisiging een verbinding die niet verbroken kan worden als het christendom als waar moet worden beschouwd.
In dit artikel wil ik vier redenen geven die de claim ondersteunen dat Jezus stierf ten gevolge van kruisiging.
Ten eerste, Jezus’ executie wordt vermeld in een aantal oude bronnen: christelijke en niet-christelijke. Behalve de vier evangeliën en een aantal brieven in het Nieuwe Testament, die geschreven zijn in de eerste eeuw, wordt Jezus executie ook vermeld door een aantal niet-christelijke bronnen. Josephus (laat in de eerste eeuw), Tacticus (vroeg in de eerste eeuw), Lucian(rond het midden van de tweede eeuw) en Mara bar Serapion (tweede tot de derde eeuw), allen vermelden ze de gebeurtenis. Het feit dat deze niet-christenen Jezus in hun geschriften vermeldden toont aan dat de dood van Jezus ook bekend was buiten de christelijke kringen en niet iets was wat door christenen uitgevonden is.
Ten tweede, de mogelijkheid een kruisiging te overleven is erg klein. Kruisiging en de marteling die er vaak aan voorafging was de ergste manier om te sterven in de oudheid. Velen van ons hebben de film van Mel Gibson, The Passion of Christ wel gezien, en zijn hierin ooggetuige geweest van de brute praktijk van het geselen. Een aantal oude bronnen beschrijven het, zoals Josephus, een joodse historicus in de eerste eeuw die vertelt van een man die zo zwaar gegeseld werd dat hij gefileerd werd tot op het bot.[1] Elders vermeld hij dat een groep werd gegeseld totdat hun ingewanden naar buiten kwamen. [2] In een tekst uit de tweede eeuw genaamd Het Martelaarschap van Polycarp, staat de Romeinse gesel bekend om het blootleggen van de aderen en slagaderen van een persoon. [3] Het slachtoffer werd dan buiten de stad gevoerd waar soldaten hem met spijkers aan een kruis of boom nagelden. [4] Dan werd hij in zijn ondragelijke martelende pijn alleen gelaten. In de eerste eeuw beschreef een Romeinse filosoof genaamd Seneca de gekruisigde slachtoffers als geslagen en ongeschikte karkassen, verminkt, misvormd, mismaakt, genageld en “dragende de adem des levens onder een langgerekte ondraaglijke pijn.” [5]
Er bestaat slechts één verslag van een persoon die een kruisiging overleefd heeft. Josephus vermeld dat hij drie van zijn vrienden gekruisigd heeft zien worden. Hij deed onmiddellijk beroep op zijn vriend, de Romeinse commandant Titus die beval dat alledrie onmiddellijk van het kruis gehaald moesten worden en de beste medische zorg moesten krijgen die Rome te bieden had, twee van de drie stierven alsnog. Dus, als Jezus te vroeg van het kruis gehaald zou zijn en medische hulp had gekregen, dan was de kans op overleven nog steeds zeer klein. Dan nog bestaat er geen bewijs dat Jezus verwijderd is terwijl hij nog leefde of dat Hij enige medische zorg gekregen heeft, laat staan de beste zorg van Rome.
Ten derde, professionele medische opinies zijn unaniem in de conclusie dat Jezus stierf door het kruis.[7] Terwijl er nog steeds enige discussie is rondom de werkelijke doodsoorzaak door kruisiging, is de meerderheid van mening dat Hij stierf door verstikking, oftewel door een tekort aan zuurstof. Ons historische kennis over kruisiging bevestigt die conclusie. Een aantal oude bronnen vermelden de praktijk van het benen breken om de dood aan het kruis te bespoedigen. [8] Hoe kan dit de dood bespoedigen? Ik heb twee vrienden die beide directeur zijn van de eerstehulp van twee grote ziekenhuizen.[9] Ik vroeg ieder van hen of er medische redenen zijn waarom het breken van de benen van het gekruisigd slachtoffer hun dood zou bespoedigen. Ze antwoorden dat er een paar mogelijkheden bestaan, maar dat deze zeker zeldzaam zouden zijn. Dus hoe zou het breken van de benen van een gekruisigd slachtoffer de dood bespoedigen?
Tijdens de eerste en tweede wereldoorlogen martelden de Duitsers slachtoffers door een praktijk die aufbinden genoemd werd, waarbij de polsen van de slachtoffers vastgebonden werden en ze opgetakeld werden zodat alleen hun tenen de grond nog raakten als ze moe werden. Wanneer het slachtoffer moe werd, ontspanden ze. Als resultaat zouden ze het moeilijk vinden adem te halen. Omdat de spieren die gebruikt worden voor het inademen sterker zijn dan de spieren voor het uitademen zou het koolzuur zich opbouwen en het slachtoffer zou een oncomfortabele dood sterven. Experimenten op levende vrijwilligers, opgehangen zonder dat ze de grond konden raken, maakten duidelijk dat iemand niet langer dan twaalf minuten bij bewustzijn kan blijven in deze positie, zolang de armen in een 45 graden hoek of minder waren. Het breken van de benen van een gekruisigd slachtoffer voorkomt dat er afgezet wordt tegen de nagel in hun voet, een ondragelijke beweging, om het ademhalen gemakkelijker te maken, alhoewel tijdelijk. Het is de mening van mijn twee vrienden die eerstehulp arts zijn, dat gezien het trauma dat het slachtoffer van kruisiging al ervaren heeft, dat als Hij aan het kruis stierf als gevolg van een tekort aan zuurstof, en in die positie dood blijft voor vijf minuten, er geen kans is Hem nog te doen herleven. In toevoeging hierop vermeld het Evangelie van Johannes dat één van de bewakers Jezus doorboorde om vast te stellen dat Hij al dood was (zie Johannes 19:34-37), een praktijk die ook genoemd wordt door Quintillianus, een Romeinse historicus in de eerste eeuw. [10]
Is er reden om aan te nemen dat de Romeinen de dood van Jezus aan het kruis wilden bespoedigen? Een bekende Joodse historicus uit de eerste eeuw genaamd Josephus noemt dat het gebruikelijk was vóór de vernietiging van Jeruzalem door de Romeinen in 70 n. Chr., de gekruisigden voor zonsondergang van het kruis te halen en ze te begraven.[11] Er zijn verslagen van een gekruisigd slachtoffer die drie dagen bleef leven aan zijn kruis en van slachtoffers die na hun dood voor een bepaalde periode bleven hangen om als voedsel te dienen voor vogels, honden en insecten.
Dit was echter niet de praktijk in Jeruzalem vóór haar vernietiging in 70 n. Chr. Jezus werd in 30 of 33 n. Chr. gekruisigd. Dus we hebben een hele goede reden om aan te nemen dat de dood van Jezus nog vóór de zonsondergang door de Romeinen bevestigd werd op de dag dat Hij werd geëxecuteerd.
Ten vierde, zelfs als Jezus het op de één of andere manier had klaargespeeld de kruisiging te overleven, dan zou Hij zijn discipelen niet geïnspireerd hebben te geloven dat Hij opgestaan is. Stelt u zich Jezus voor, half dood in de tombe. Hij waakt op uit een coma en vind Zichzelf bang in het donker, plaatst zijn met spijkers doorboorde handen op de zware steen die Zijn uitgang verspert en duwt het aan de kant. Dan komt Hij de wachters tegen die zeggen: “Waar denk jij dat je heen gaat vriend?” Hij antwoord: “Ik ben weg uit dit gat.” Hij slaat de bewakers in elkaar waarop Hij blokken zoniet kilometers op doorboorde en gewonde voeten loopt om Zijn discipelen te vinden. Uiteindelijk komt Hij bij het huis waar ze verblijven en klopt aan de deur. Petrus opent de deur en ziet Jezus voorover krommend in zijn meelijwekkende en verminkte toestand en zegt: “Wow! Ik kan niet wachten om net zo’n opgestaan lichaam te hebben als u!” De historicus moet vragen hoe waarschijnlijk het is dat Jezus in Zijn gewonde toestand Zijn discipelen heeft kunnen overtuigen dat Hij de opgestane Heer des Levens is in een onsterfelijk lichaam. Levend? Nauwelijks. Opgestaan? In geen geval.
In het kort, het historisch bewijs dat Jezus stierf door kruisiging is erg sterk. Het wordt verklaard door een aantal oude bronnen waarvan sommige niet-christelijk zijn en dus niet gebaseerd op een christelijke interpretatie van gebeurtenissen; de kansen op overleving waren zeer klein; de unanieme professionele medische opinie is dat Jezus zeker is gestorven gezien de wreedheid van de kruisiging, en zelfs als Jezus het op de één of andere manier klaargespeeld heeft de kruisiging te overleven, dan zou het niet geresulteerd hebben in het geloof van de discipelen dat Hij opgestaan is.
Zelfs de meest sceptische medeoprichter van het Jezus Seminar John Dominic Crossan concludeert: “Dat Jezus gekruisigd is, is zo zeker als iets historisch maar kan zijn.” [12] Dan bevestigt Crossan op drie gelegenheden in hetzelfde boek dat deze gebeurtenis resulteerde in de dood van Jezus. Op dezelfde wijze schrijft de atheïstische Nieuwe Testament criticus Gert Lüdeman: “Jezus’ dood als gevolg van kruisiging is onbetwistbaar.” [13] Dus gegeven het sterke bewijs voor Jezus’ dood door kruisiging moet een historicus zonder sterk tegenbewijs concluderen dat Jezus gekruisigd is en dat dit proces Hem doodde.
1. De Joodse oorlogen 6:304. Zie ook 2:612; Antiquitates Judaicae 12:256
2. De Joodse oorlogen 2:612
3. Het martelaarschap van Polycarp 2:2
4. Een overweldigende meerderheid aan oude bronnen noemen het gebruik van nagels om de gestrafte aan een kruis of aan een boom te nagelen. Gezien het feit dat het evangelie van Johannes het gebruik van nagels noemt bij Jezus kruisiging (20:25, 27) en Lucas hier op toespeelt (24:39), er bestaan geen goede redenen om aan te nemen dat Jezus niet aan zijn kruis is genageld.
5. Seneca, epistels, “Ad Lucilium” 101.
6. Josephus, Leven 420-21.
7. Een aantal van deze zijn genoemd in Raymond Browns De dood van de Messias, deel 2 (New York: Doubleday, 1994), 1088.
8. Cicero, Oratio, toespraak 13, 12:27; Evangelie van Petrus 4:14. In het evangelie van Petrus is het breken van benen verboden zodat het slachtoffer langer lijdt.
9. Dr. Jim Ritchie en Dr. Jack Mason.
10. Declamationes Maiores 6:9: “Voor dezen die sterven aan het kruis, de beul verbiedt niet het begraven van dezen die doorboord zijn.”
11. De Joodse oorlogen 4:317.
12. John Dominic Crossan, Jezus: Een Revolutionaire Biografie (San Francisco: Harper Collings, 1991)
13. Gert Lüdeman. De opstanding van Christus (Amherst, NY: Prometheus, 2004), 50.
|